Welke rechten kunnen worden ontleend aan de verlaging van de WOZ-waarde in relatie tot de schade die wordt getaxeerd in een planschadeprocedure. Deze vraag is vaak onderwerp van geschil in planschadeprocedures. In beginsel is een verlaging van de WOZ-waarde niet van belang in het kader van een planschadeprocedure. Omdat bij de verlaging van de WOZ-waarde wordt uitgegaan van de feitelijke situatie vóór en na de wijziging en in het kader van een planschade taxatie als uitgangspunt de maximale (=meest ongunstige) invulling van de het planologische regime vóór en na de planologische wijziging wordt genomen. In de regel verschillen de opeenvolgende feitelijke situaties en de planologisch meest ongunstige situaties aanmerkelijk. Zijn deze situaties evenwel nagenoeg identiek, dan zal de planschadeadviseur bij een groot verschil tussen de hoogte van de planschade en de waardevermindering in het kader van de WOZ, hier gemotiveerd op in dienen te gaan. Verschillen mogen er zijn als ze maar goed kunnen worden gemotiveerd. Voor de volledigheid merk ik op dat verschillen ook kunnen worden veroorzaakt door de verschillende peildata die aan de taxaties ten grondslag liggen.
Ook in de onderhavige zaak is een en ander aan de orde. Uit de WOZ-beschikking volgt dat ook andere factoren tussen de feitelijke en planologisch meest ongunstige situatie debet zijn aan de verschillen in taxatie en kan de hogere waardedaling in het kader van de WOZ de aanvrager om tegemoetkoming in planschade niet baten.
De Afdeling overweegt.
“5.2. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (bijvoorbeeld in de uitspraak van 30 april 2014 in zaak nr. 201305373/1/A2), wordt bij het vaststellen van de WOZ-waarde niet, zoals bij planvergelijking, de maximale invulling van het planologische regime betrokken. Dit neemt evenwel niet weg dat van het college kan worden verlangd dat het zijn besluit van een nadere motivering voorziet in geval een aanzienlijk verschil tussen de WOZ-waarde en de taxatiewaarde in het kader van planschade bestaat.
5.3. Voor de bepaling of een aanzienlijk verschil tussen de WOZ-waarde en de taxatiewaarde in het kader van planschade bestaat, is het verschil tussen de waardedalingen ten opzichte van de oorspronkelijke waarde van de woning uitgedrukt in een percentage van belang. Anders dan [appellant] heeft betoogd, betekent dit niet dat, omdat de daling van de WOZ-waarde twee maal zo groot is als de daling van de taxatiewaarde volgens het advies van de SAOZ, het verschil tussen beide waardes aanzienlijk is.
De dalingen van de WOZ-waarde zijn respectievelijk 5,3% en 5,2% van de waarde van de woning en de door de SAOZ getaxeerde waarde betreft een daling van 2,6% van die waarde. Gelet hierop leidt de door [appellant] gestelde daling niet tot het oordeel dat een aanzienlijk verschil tussen de WOZ-waarde en de taxatiewaarde in het kader van planschade bestaat.
De rechtbank heeft voorts terecht overwogen dat aan de WOZ-beschikkingen niet de waarde kan worden toegekend die [appellant] daaraan gehecht wenst te zien. In de WOZ-beschikking van 20 augustus 2009 is vermeld dat gezien alle waardebepalende factoren, in het bijzonder gelet op de door [appellant] aangevoerde aspecten en het rond de waardepeildatum voor min of meer vergelijkbare objecten geldende waardeniveau, de WOZ-waarde wordt verlaagd naar € 395.000,00. Het staat derhalve niet vast dat de daling van de WOZ-waarde geheel was toe te rekenen aan de vestiging van de zorgboerderij. Verder is van belang dat de feitelijke situatie niet overeenkwam met de maximale invulling van de planologische mogelijkheden, omdat onder het bestemmingsplan het oprichten van bouwwerken geen gebouwen zijnde was toegestaan tot een hoogte van drie meter, doch deze onder het bestemmingsplan niet waren gerealiseerd. Voorts hebben de WOZ-beschikkingen betrekking op andere peildata dan de peildatum 7 februari 2006, die in de onderhavige zaak van belang is. De rechtbank heeft derhalve terecht geoordeeld dat de Boer met de WOZ-beschikkingen niet heeft aangetoond dat het college de planschade op een onjuist bedrag heeft vastgesteld.”